Tijdens mijn eerste marathon gebeurde er iets waardoor ik hardlopen heel anders ben gaan benaderen

Maar daar begint mijn verhaal niet. Mijn verhaal begint toen ik een jaar of vijftien was en nog nooit voor mijn lol een rondje had hardgelopen. Niet dat ik niet sportte, integendeel. Ik stond in die tijd bijna dagelijks op een hockeyveld. Het was een mooie tijd, met als hoogtepunten een jeugdlandskampioenschap in Nederland en een seizoen bij CH Benalmádena, in de Spaanse competitie.

Toch verloor ik het plezier in hockey, waarna ik, eenmaal terug uit Spanje, als twintigjarige besloot om ermee te stoppen. Dit is waar mijn hardloopleven begon. Al snel begon ik het steeds leuker te vinden en voor ik het wist was de ene passie vervangen door de andere.

Teamsport is heel mooi, maar het persoonlijke van het hardlopen vind ik nog mooier. Met hardlopen kan iedereen winnen, of je nou eerste of honderdste wordt. Je loopt niet tegen anderen, maar tegen jezelf. Als je een persoonlijk record loopt, dan is dat jouw verdienste. Je bent geen onderdeel van een team waarin een ander alle goals maakt en dit vind ik een heel mooi principe.

Inmiddels ben ik erachter gekomen dat er veel meer potentie in mijn lichaam zit dan ik ooit had durven dromen. Vijf jaar geleden had ik mijn persoonlijke records van nu niet voor mogelijk gehouden. En nu heb ik het idee dat ik zelfs nog veel sneller kan. Dat vind ik mooi en daar ben ik trots op.

Al ga ik nu alweer veel te snel. Terug naar die eerste marathon. Toen ik de smaak eenmaal goed te pakken had, ging het vizier namelijk al snel op dat ene, ultieme doel. Ik ben niet zo van de bucketlists, maar als er in die fase iets had opgestaan, dan was dat het lopen van een marathon.

Tijdens de marathon van Amsterdam van 2013, ik was toen drieëntwintig, moest het gebeuren. Helaas liep de dag iets anders. Na negenendertig kilometer ging ik knock-out en werd ik wakker tegen een boom in het Vondelpark. Ik was compleet uitgeput, oververhit en uitgedroogd en werd per ambulance afgevoerd naar het ziekenhuis. 
 

Achteraf is me verteld dat ik twee keer buiten bewustzijn ben geweest. De eerste keer was toen ik tijdens het lopen simpelweg in elkaar zakte. De tweede keer was toen ik overeind werd geholpen door het publiek om me naar de zijkant te brengen, maar ik me van hen los probeerde te maken.

 

Het schijnt zelfs dat ik iets over mijn schema en mijn eindtijd heb geroepen, met als onderliggende boodschap dat ze van me af moesten blijven. Ik wilde doorlopen, terwijl ik daar op de grond lag, maar daar weet ik dus allemaal niets meer van.

Toen ik weer een beetje was bijgekomen besefte ik pas hoezeer ik het lopen van een marathon had onderschat. Sindsdien ben ik me pas echt gaan verdiepen in alles wat bij het hardlopen komt kijken, zoals trainingsvormen, hoe je een wedstrijd ingaat en hoe je een realistisch, maar ambitieus persoonlijk doel stelt.

Langzaamaan hervond ik het plezier in het hardlopen. In eerste instantie heel vrijblijvend en zonder einddoel in gedachten. Met de geleerde lessen en nieuw opgedane kennis in mijn achterhoofd bouwde ik beetje bij beetje weer mijn fitheid op, waarna ik een handvol kleinere wedstrijden en halve marathons liep.

Vier jaar later besloot ik dat het tijd werd om weer een marathon te gaan lopen. Inmiddels was ik in niets meer te vergelijken met de loper en de persoon die in 2013 knock-out ging: ik was volwassener, realistischer, veel kennis rijker en bovenal een stuk fitter.

Gelukkig ging het dit keer wel heel goed. Waar ik in  2013 uitviel op een schema van drieënhalf uur, liep ik nu 3:14:41. Een kwartier sneller en ik voelde me aanzienlijk beter. Eindelijk was mijn missie geslaagd!

Over mijn eerste twee marathons schreef ik een boek

De gedachte om over mijn eerste marathon een boek te schrijven zat al langer in mijn hoofd, maar toch kwam het er nog niet van. Schrijven is namelijk een andere passie van me, naast hardlopen. En als we het dan toch over die bucketlist hebben, en het lopen van een marathon stond erop, dan stond het schrijven van een boek er zeker ook op. Het enige probleem was alleen dat het verhaal nog niet 'af' was. Ik was niet van plan om een boek te schrijven waarin alleen een mislukte poging stond. Maar nu was het gelukt en ik besloot dat dit het perfecte moment was om het boek dat al zo lang in mijn hoofd zat, alsnog te gaan schrijven.

Het boek heet ‘Nooit meer bananen’ en is op 15 oktober 2018 verschenen, precies een jaar na mijn succesvolle tweede marathon. Het boek heeft tweeënveertig hoofdstukken, één voor elke kilometer. Ik beschrijf kilometer voor kilometer hoe ik deze tweede marathon heb ervaren. Tussendoor blik ik door middel van flashbacks ook uitgebreid terug op mijn eerste marathon en op hoe ik mij de tweede keer wél succesvol heb weten voor te bereiden.

#Funfact: het boek heeft ook precies 42.195 woorden.

‘Het is mijn missie om mijn verhaal en kennis te delen, zodat zoveel mogelijk mensen op een veilige manier al hun persoonlijke doelen en ambities zullen behalen’

Inmiddels is het mijn missie geworden om mijn verhaal en kennis te delen, zodat zoveel mogelijk mensen op een veilige manier al hun persoonlijke doelen en ambities zullen behalen. Mijn expertise ligt in het stellen en behalen van doelen, of je nou een marathon wil lopen of een boek wil schrijven. Hiernaast heb ik veel kennis opgedaan op het gebied van gemotiveerd raken en blijven. En dat allemaal binnen de fysieke en mentale grenzen, die nooit uit het zicht mogen verdwijnen.

En jij? Wat is jouw verhaal?

Ik ben oprecht heel benieuwd. Loop je ook hard? Waar loop jij tegenaan en hoe ga je hier mee om? Ik vind het altijd leuk en interessant om met andere lopers in contact te komen, want samen kunnen we elkaar altijd weer net iets verder helpen. 

 

Laat het me weten door onderstaand contactformulier in te vullen. Ik reageer altijd binnen vierentwintig uur.